Skip to main content

Is de federale verloning marktconform?

Datum: 
18 februari 2014

Verdient een federaal personeelslid nu meer of minder dan iemand met een vergelijkbare functie in de privésector? Of dan iemand die bij een andere overheid werkt?

In de studie van de FOD Personeel en Organisatie over marktconforme beloning werden de cijfers voor de vergelijking met de privésector geüpdatet.

Vergelijking met de privésector

De federale overheid kent voor haar functies in niveau A een basissalaris toe dat bijna altijd hoger ligt dan in de privésector. Het basissalaris bestaat uit de wedde en een aantal vaste vergoedingen, zoals vakantiegeld, eindejaarstoelage en premie voor competentieontwikkeling. In de niveaus B en C kantelt de verhouding en ligt het basissalaris, op enkele uitzonderingen na, minder hoog dan in de privésector. De steekproef voor niveau D is niet voldoende representatief om een juiste conclusie te kunnen trekken.

Het hogere basissalaris in niveau A wordt wel genuanceerd doordat werknemers in de privésector op dit niveau vaak een bedrijfswagen of een variabel inkomen hebben.

Voor contractuelen bij de overheid ziet het plaatje er vaak wat minder goed uit. Hun carrièremogelijkheden zijn immers minder gunstig dan die van hun statutaire collega’s.

Vergelijking met de publieke sector

In vergelijking met andere overheden (Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Vlaamse overheid, de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest) kent de federale overheid in haar aanwervingsgraden een hoger basissalaris toe. De premie voor competentieontwikkeling speelt hierbij een belangrijke rol.

De andere overheden hebben in niveau A wel vaak loopbanen voor specifieke diploma’s (zoals ingenieurs en artsen) die voordeliger zijn dan de federale aanwervingsgraden. In de niveaus B, C en D kennen de andere overheden bovendien bevorderingsmogelijkheden die de federale loopbanen overstijgen.

Werkwijze

Voor de vergelijking met de privésector werden de gegevens uit een databank van Hudson met meer dan 100.000 observaties vergeleken met een representatieve steekproef met reële gegevens bij de federale overheid.

Voor de vergelijking tussen de verschillende overheden werden de loopbanen met elkaar vergeleken.

De werkwijze wordt uitgebreid toegelicht in een bijlage bij de studie.

Meer info

Pagina laatst gewijzigd op 27 februari 2014.