Skip to main content

Ministerraad 22 februari 2019: thematische verloven flexibeler

Datum: 

De Ministerraad van 22 februari 2019 keurde een project van koninklijk besluit goed dat diverse bepalingen over de thematische verloven in de publieke sector wijzigt.

Dit ontwerp van koninklijk besluit is noodzakelijk om drie recent gepubliceerde wetten te kunnen uitvoeren:

  • Wet van 2 september 2018 tot wijziging van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen wat het ouderschapsverlof betreft. Hier gaat het over de invoering van het principe van de 1/10-regeling in de loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof.
     
  • Wet van 2 september 2018 tot wijziging van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen wat betreft de flexibilisering van de opname van thematische verloven. Hier gaat het over de mogelijkheid om het voltijds of halftijds ouderschapsverlof te splitsen in kortere periodes en de aanvraagtermijn voor het verlof in te korten.
     
  • Wet van 14 december 2018 houdende diverse arbeidsbepalingen. Hier gaat het over de uitbreiding van de notie ‘kind met een handicap’ en de aanpassing van de leeftijdsgrens van het gehandicapte kind in het kader van ouderschapsverlof.

Concreet vind je hieronder wat dit project inhoudt voor zowel contractuele als statutaire personeelsleden:

  1. Invoering van het principe van de 1/10-regeling in de loopbaanonderbreking voor ouderschapsverlof

    Personeelsleden die voltijds werken en voor hun kind moeten zorgen, zullen hun prestaties met 1/10de kunnen verminderen op een periode van 40 maanden in het kader van ouderschapsverlof, met toestemming van hun werkgever.
     
  2. Splitsing van het ouderschapsverlof in kortere periodes en vermindering van de aanvraagstermijn

    Met toestemming van hun werkgever kunnen personeelsleden ook:
  • het voltijds ouderschapsverlof in weken opsplitsen 
  • het halftijds ouderschapsverlof in maanden opsplitsen 
  • het voltijds verlof voor medische bijstand in weken opsplitsen. 
  1. Uitbreiding van de notie ‘kind met een handicap’ en aanpassing van de leeftijdsgrens in het kader van ouderschapsverlof

    In alle bepalingen over het ouderschapsverlof wordt de notie ‘kind met een handicap’ uitgebreid tot:
  • het kind dat voor ten minste 66% getroffen is door een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid
  • het kind dat een aandoening heeft waardoor ten minste 4 punten toegekend worden in pijler 1 van de medisch-sociale schaal in de zin van de regelgeving over de kinderbijslag.

    Daarnaast wordt de leeftijdsgrens van het kind met een handicap voor wie de onderbreking wordt aangevraagd in het kader van ouderschapsverlof, gewijzigd van 12 naar 21 jaar.

Het project doorloopt nog een paar stappen voor het definitief in werking treedt:

  • syndicale onderhandelingen
  • advies van de Raad van State
  • publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Pagina laatst gewijzigd op 28 februari 2019.