Skip to main content

Codificatie van het statuut : communicatie van het kabinet van Ambtenarenzaken

Datum: 
13 april 2018

De Ministerraad van 4 april 2018 heeft zijn goedkeuring gegeven aan een nieuw personeelsstatuut voor statutaire én contractuele personeelsleden, de code van het federaal openbaar ambt.

Het ontwerp kadert binnen een continu streven naar harmonisering en vereenvoudiging van het statuut, om de federale overheid te hervormen tot een betrokken werkgever en een effectieve dienstverlener voor burgers en bedrijven.

De code bundelt in één reglementaire tekst de volledige reglementering die van toepassing is op de contractuele en de statutaire personeelsleden van het federaal openbaar ambt, van het moment waarop ze in dienst treden tot het einde van de arbeidsrelatie. Daartoe wordt de reglementering samengebracht in de 13 boeken:

Boek

I

Toepassingsbied en definities

 

II

Functies, niveau, graden, weddenschalen

 

III

Rechten, plichten, belangenconflict, cumul

 

IV

Rekrutering

 

V

Bezoldiging

 

VI

Evaluatie

 

VII

Verloven en afwezigheden

 

VIII

Tele- en satellietwerk

 

IX

Schorsing in het belang van de dienst

 

X

Tucht

 

XI

Einde van de arbeidsrelatie

 

XII-XIII

Opheffings-, overgangs- en slotbepalingen

De ambitie van de Code is niet beperkt tot de codificatie van de bestaande reglementering inzake het federaal openbaar ambt, maar zet ook volop in op het wegwerken van de verschillen tussen contractuele en statutaire personeelsleden.

Daarom is de tekst van de code vanuit het oogpunt van het personeelslid geschreven en niet, zoals in de bestaande teksten, vanuit de logica van de ambtenaar of het statutair personeelslid. Zo worden onder meer de rechten en plichten uitgebreid naar contractuele personeelsleden, krijgen ze de kans op een volwaardige loopbaan en mogen ze ook evalueren.

Het systeem van selectie en werving wordt volledig herzien, met het oog op een vereenvoudiging, een betere coherentie en een grotere flexibiliteit van de arbeidsmarkt van het federaal openbaar ambt. Zo wil die beter inspelen op de operationele behoeften van de departementen van het federaal openbaar ambt, alsook op de wens van alle personeelsleden die er werken om zich te ontwikkelen en vooruit te komen.

De Code maakt een onderscheid tussen de interne en de externe rekrutering:

  • het eerste concept betreft de procedure voor de toekenning van een vacante betrekking aan een personeelslid dat al deel uitmaakt van het federaal openbaar ambt. Daarbij is zowel een verandering van functie in dezelfde graad of dezelfde klasse als bevordering mogelijk.
  • het tweede concept betreft daarentegen de procedure voor de toekenning van een vacante betrekking in het federaal openbaar ambt aan eender wie, ongeacht of die persoon wel of niet al tot het federaal openbaar ambt behoort.

Daarbij is het doel om het aanwezige talent alle kansen geven, niet alleen binnen de eigen organisatie maar binnen het geheel van de federale overheidsdiensten. Daarom wordt er voorrang gegeven aan de interne rekrutering en wordt minimum 10% van de vacatures geopend voor het volledige federaal openbaar ambt. Daarbij staan competenties centraal, en niet alleen het diploma.

Er wordt ook een een nieuw mechanisme geïntroduceerd, “Talent on the move”, om personeelsleden te begeleiden die zich in de loop van hun carrière willen heroriënteren (al dan niet na een lange afwezigheid), die zich geconfronteerd zien met gezondheidsproblemen of wiens functie drastisch wijzigt of verdwijnt.

Het evaluatieproces blijft ongewijzigd. Het wordt echter in verschillende opzichten vereenvoudigd, bijvoorbeeld:                                                                                                                         

  • Elke vermelding kan zonder onderscheid door de hiërarchische meerdere of door de functionele chef worden toegekend.
  • Er is geen functiegesprek meer vereist.
  • Het aantal vermeldingen wordt beperkt tot 3: "voldoet aan de verwachtingen", "te verbeteren" en "onvoldoende".

Ook het kader van de verloven en afwezigheden wordt herzien. Er komt een uniform kader voor het jaarlijks vakantieverlof en de dienstvrijstellingen voor het volledig openbaar ambt. Specifieke regelingen rond inhaalverlof/werkroosters voor volcontinudiensten (gevangenissen, gesloten centra,…) blijven wel bestaan. De code voorziet eveneens een gelijkschakeling van het stelsel van de loopbaanonderbreking met de private sector.

De code voorziet geen aanpassing van de regeling van het ziektekapitaal voor de statutaire personeelsleden. Wel wordt er volop ingezet op reïntegratie. Daartoe wordt een geheel nieuw begeleidingstraject voorzien om zieke personeelsleden zo snel mogelijk terug in te zetten op de werkvloer.

Het project doorloopt nog een paar stappen voor het definitief in werking treedt:

  • onderhandelingen Comité B
  • advies van de Raad van State
  • handtekening van de Koning
  • publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Pagina laatst gewijzigd op 18 april 2018.