Skip to main content

Schorsing in het belang van de dienst

Wanneer het belang van de dienst dit vereist, kan de ambtenaar in zijn ambt worden geschorst door de minister of door de voorzitter van het directiecomité of diens afgevaardigde.

De schorsing in het belang van de dienst is een maatregel van orde waartoe wordt besloten in afwachting van een strafrechtelijke beslissing of een tuchtbeslissing. Zolang de schuld niet bevestigd is, wordt de betrokken ambtenaar voor onschuldig gehouden.

Er zijn evenwel waarborgen die in acht moeten worden genomen:

  1. de ambtenaar moet gehoord worden
  2. de ambtenaar mag tijdens elke fase van de procedure worden bijgestaan door een verdediger van zijn keuze
  3. hij beschikt over een recht op beroep bij de raad van beroep.

Als de ambtenaar het voorwerp uitmaakt van strafrechtelijke vervolgingen of tuchtvervolgingen wegens een zware fout waarbij de betrokkene op heterdaad is betrapt of waarvoor er afdoende aanwijzingen zijn, kan de schorsing bestaan uit

  • een inhouding van wedde, die niet hoger mag liggen dan 20 % van de wedde; deze vermindering mag ook niet lager zijn dan het bedrag van de werkloosheidsuitkeringen waarop de ambtenaar recht zou hebben als hij genoot van het socialezekerheidsstelsel van de werknemers
  • een verbod om zijn rechten op bevordering te doen gelden
  • een verbod om een vordering binnen een weddeschaal te doen gelden.

De ambtenaar kan na 1 maand een eerste beroep indienen bij de raad van beroep. Vervolgens kan hij om de 3 maanden een nieuw beroep indienen als er nieuwe elementen zijn die de heropening van het dossier rechtvaardigen.

Pagina laatst gewijzigd op 04 november 2013.