Skip to main content

Stappen

Oproeping

De tuchtprocedure start door een oproeping

  • door de bevoegde hiërarchische meerdere gericht aan de ambtenaar of
  • door de minister gericht aan een houder van een management-  of staffunctie.

De minister of de voorzitter van het directiecomité wijzen de hiërarchische meerderen aan voor de tuchtprocedures.

De brief informeert de ambtenaar over de feiten die hem ten laste worden gelegd en bevestigt dat een tuchtprocedure tegen hem wordt opgestart.

De kennisgeving kan gebeuren op de volgende manieren:

  • door elektronische mededeling – waarvan ontvangst door de ambtenaar wordt bevestigd
  • door een aangetekende brief
  • door overhandiging in ruil voor een ondertekend en gedateerd ontvangstbewijs.

De oproepingsbrief vermeldt:

  • de feiten die ten laste worden gelegd
  • het recht van de ambtenaar om zijn standpunt met alle passende middelen te doen kennen
  • de geschonden normen
  • de in het statuut voorziene tuchtstraffen
  • dat het dossier betreffende de ten laste gelegde feiten ter beschikking ligt
  • het recht om bijkomende onderzoeksmaatregelen te vragen.

Hoorzitting

De ambtenaar wordt gehoord door de aangeduide hiërarchische meerdere tussen de veertiende en de dertigste dag volgend op de ontvangst van de oproep. De ambtenaar kan de feiten weerleggen en mag getuigen oproepen.

De ambtenaar ontvangt de notulen van de hoorzitting, voegt er eventueel zijn bezwaren aan toe en bezorgt ze binnen tien dagen terug .

Toekenning

Het dossier wordt binnen tien dagen vanaf de ontvangst van de teruggestuurde notulen door de hiërarchische meerdere verstuurd aan het directiecomité (de directieraad bij de openbare instellingen van sociale zekerheid en de federale instellingen van openbaar nut).

Het volledige dossier bevat een verslag met minstens de volgende elementen:

  • de feiten die worden ten laste gelegd
  • het verslag van eventuele getuigenissen
  • het proces-verbaal van de hoorzitting
  • eventuele bezwaren van de ambtenaar tegen het proces-verbaal.

Het directiecomité roept binnen tien dagen na het aanhangig maken de ambtenaar op om te verschijnen. De hoorzitting vindt plaats tussen de twintigste en de dertigste dag na het aanhangig maken.

De oproeping vermeldt:

  • de datum van de indiening van het dossier
  • plaats , dag en uur van de hoorzitting
  • de plaats waar en de termijn waarbinnen het dossier kan worden ingekeken
  • de ambtenaar moet persoonlijk verschijnen en kan zich laten bijstaan door een persoon naar keuze.

Indien de ambtenaar twee opeenvolgende keren niet opdaagt voor het directiecomité doet het directiecomité uitspraak op basis van het dossier.

Het directiecomité doet een uitspraak binnen een termijn van maximum twee maanden na het indienen van het dossier.

Het voorstel wordt binnen vijftien dagen aan de ambtenaar betekend. Bij ontstentenis van deze betekening binnen die termijn wordt het directiecomité geacht af te zien van de procedure voor de feiten die de ambtenaar ten laste worden gelegd.

Pagina laatst gewijzigd op 24 november 2016.