Skip to main content

Evaluatieverslag en vermelding

Na afloop van het evaluatiegesprek wordt het evaluatieverslag door de evaluator opgesteld. een ministerieel besluit zal het model van evaluatieverslag bepalen.

Elke evaluatie wordt afgesloten met één van de volgende vermeldingen: 'uitstekend', 'voldoet aan de verwachtingen', 'te ontwikkelen', of 'onvoldoende'.

Uitstekend

De evaluatie wordt besloten met de vermelding 'uitstekend' als uit de evaluatie blijkt dat grotendeels de doelstellingen werden verwezenlijkt en dat sommige werden overtroffen.

Voldoet aan de verwachtingen

De evaluatie wordt besloten met de vermelding 'voldoet aan de verwachtingen' als uit de evaluatie blijkt dat de meeste doelstellingen werden verwezenlijkt.

Te ontwikkelen

De evaluatie wordt besloten met de vermelding 'te ontwikkelen' als uit de evaluatie blijkt dat de doelstellingen slechts gedeeltelijk zijn verwezenlijkt.

Onvoldoende

De evaluatie wordt besloten met de vermelding 'onvoldoende' als uit de evaluatie blijkt dat de doelstellingen niet werden verwezenlijkt.

Er kan evenwel een minder gunstige vermelding worden toegekend:

  • indien uit de evaluatie blijkt dat de houder van de managementfunctie slechts een zwakke persoonlijke bijdrage aan het bereiken van de doelstellingen die in het plan zijn bepaald heeft geleverd
  • indien feitelijke elementen een negatieve weerslag hebben op de uitoefening van de managementfunctie.

Overgangsmaatregelen

  • De lopende evaluaties en beroepen per 19 mei 2014 worden voortgezet overeenkomstig de bepalingen die voorheen in voege waren. De uitwerkingen ervan blijven identiek. Onder lopende evaluaties dient men die evaluaties te verstaan die betrekking hebben op cycli die op 19 mei 2014 afgelopen zijn.
  • De evaluatiecycli die aan de gang zijn bij de inwerkingtreding van onderhavig besluit worden voortgezet overeenkomstig de bepalingen die voorheen in voege waren. Deze evaluatiecycli mogen evenwel één jaar vanaf de datum van inwerkingtreding van onderhavig besluit niet overschrijden.

Beroepsprocedure

Wie bij een tussentijdse evaluatie 'onvoldoende' of bij de eindevaluatie niet 'uitstekend' kreeg, kan beroep aantekenen bij een beperkt ministerieel comité (voor de voorzitters/voor de administratoren-generaal, de ajunct administratoren-generaal, de directeurs-generaal, de adjunct directeurs-generaal) of bij een comité van beroep (voor de anderen)

  • Het ministerieel comité is samengesteld uit drie leden van de regering die worden aangewezen door de Ministerraad.
  • Het comité van beroep omvat een Nederlandse en een Franse afdeling. Elke afdeling is samengesteld uit zes voorzitters van het directiecomité en/of voorzitters van een FOD of POD/vier administratoren-generaal of directeurs-generaal, aangewezen op voordracht van de minister van Ambtenarenzaken.

Het beroep moet worden ingesteld:

  • per aangetekende brief
  • bij het secretariaat van de Ministerraad, Wetstraat 16, 1000 Brussel
  • of bij de griffie van het Comité van Beroep
  • binnen 15 kalenderdagen na de betekening van het evaluatieverslag.

Het beroep is opschortend tot het einde van de beroepsprocedure.

Het beroepsorgaan brengt een advies uit binnen de maand die volgt op de indiening van het beroep. De eerste evaluator en, wanneer er een tweede evaluator is, de tweede evaluator, kennen de definitieve vermelding toe binnen een termijn van vijftien werkdagen en betekenen die onmiddellijk aan de geëvalueerde.

Wanneer de vermelding definitief is, dan kan de mandaathouder, in functie van het type vermelding en het ogenblik waarop hij die krijgt, om een financiële tussenkomst verzoeken. Het betreft meer bepaald een integratievergoeding of een beëindigingsvergoeding.

Pagina laatst gewijzigd op 27 mei 2014.